Wonden of bijtwonden

Wonden of bijtwonden

Wanneer heb je een wond? 

Er zijn verschillende soorten wonden, die door verschillende situaties kunnen ontstaan. Bijvoorbeeld door een val of een scherp voorwerp, maar je kunt ook een wond krijgen door gebeten te worden door een mens of dier. De meeste acute (plotselinge) wonden genezen vaak snel, maar hebben wel de juiste behandeling nodig.  

 

Schaafwonden: 

Bij een schaafwond is vaak de bovenste laag van de huid beschadigd en kan er vuil in de wond zitten. Een schaafwond komt door bijvoorbeeld vallen op een ruwe ondergrond. Meestal is een schaafwond oppervlakkig, maar soms kunnen er ook diepere lagen in de huid beschadigd zijn. Schaafwonden genezen vaak zonder littekens.   

 

Wat kun je zelf doen bij een schaafwond? 

  • Bloeden verminderen: Als er nog bloed uit de wond komt, helpt het om er minstens 3 minuten tegenaan te drukken met een schoon verband.  
  • Schoonmaken: Als je de schaafwond wil schoonmaken, kun je dat het beste doen onder de kraan met lauwwarm water. Probeer het vuil uit de wond te spoelen, eventueel met een zacht en nat washandje. Een paar minuten spoelen is genoeg. Laat niet weken in stilstaand water. Gebruik geen ontsmettingsmiddelen (jodium/Betadine). Als er nog vuil in de wond achterblijft, mag je dit voorzichtig met een pincet verwijderen.  
  • Afdekken: Je hoeft de wond niet af te dekken. Het is het beste de schaafwond te laten drogen aan de lucht. Zo kan er een korstje op de wond komen die de huid beschermt. Als je kleding langs de wond schuurt, kun je een pleister gebruiken en deze elke dag vervangen. Als de wond nog nat is, is het beter deze elke dag te verbinden met een vet gaasje (zalfgaas). Deze plakt niet aan de wond.  
  • Zwelling verminderen: Als je een zwelling hebt, koel de plek dan met een koude natte doek. Wees voorzichtig met coldpacks, deze kunnen tot bevriezing van de huid leiden.  

 

Snij- en scheurwonden: 

Een snijwond komt veel voor en ontstaat vaak door een ongeluk met een scherp voorwerp, zoals een mes, gereedschap of een stuk glas. Een scheurwond kan ontstaan na een vechtpartij of door sporten. Een snij- of scheurwond kan oppervlakkig zijn, maar kan ook diep liggen, waarbij belangrijke bloedvaten, pezen, of organen beschadigd kunnen zijn. 

 

Wat kun je zelf doen bij snij- en scheurwonden? 

  • Bloeden verminderen: Als er nog bloed uit de wond komt, helpt het om er minstens 3 minuten tegenaan te drukken met een schoon verband.  
  • Schoonmaken: Als je een snij-of scheurwond wil schoonmaken, kun je dat het beste doen onder de kraan met lauwwarm water. Een paar minuten is genoeg. Laat niet weken in stilstaand water. Gebruik hierbij geen ontsmettingsmiddelen (jodium/Betadine).  
  • Afdekken: Elke dag verbinden met vet gaasje (zalfgaas) is bij een oppervlakkige snij- of scheurwond het beste. Deze plakt niet aan de wond. Als je twijfelt kun je de huisarts naar de wond te laten kijken, zodat hij kan bepalen of de wond verbonden, geplakt of zelfs gehecht moet worden. Dit moet binnen 12 uur nadat de wond is ontstaan worden gedaan. Hij vertelt je hoe je de wond het beste verder kunt verzorgen. Als de wond dieper is, kan de huisarts ervoor kiezen om je door te sturen naar de chirurg in het ziekenhuis.  
  • Zwelling verminderen: Als je een zwelling hebt, koel de plek dan met een koude natte doek. Wees voorzichtig met coldpacks, deze kunnen tot bevriezing van de huid leiden.  

 

 

Bel bij snij- en scheurwonden direct 112 als: 

  • De wond groot is, of iemand een wond heeft en onwel wordt of flauwvalt.  
  • Er bloed uit een bloedvat blijft spuiten. Druk de wond goed af! 
  • Er een voorwerp uit de wond steekt. Het is belangrijk het voorwerp te laten zitten en niet uit de wond te halen.  

 

Bijtwonden: 

Bij een bijtwond is de huid kapot door een beet van een dier (zoals hond, kat of cavia) of mens (bijvoorbeeld tijdens het stoeien of vechten). Soms is de wond dieper en kunnen er belangrijke bloedvaten, pezen of zenuwen beschadigd zijn. Een bijtwond kan ernstige ontstekingen geven, omdat er in het menselijk en dierlijk speeksel veel bacteriën zitten. Ook kan een dier of mens besmet zijn met een virus, zoals hepatitis B of C of HIV of hondsdolheid.  

 

Wat kun je zelf doen bij een bijtwond?  

  • Bloeden verminderen: Als er nog bloed uit de wond komt, helpt het om er minstens 3 minuten tegenaan te drukken met een schoon verband.  
  • Schoonmaken: Als je een bijtwond wil schoonmaken, kun je dat het beste doen onder de kraan met lauwwarm water. Een paar minuten is genoeg. Laat niet weken in stilstaand water. Gebruik hierbij geen ontsmettingsmiddelen (jodium/betadine).  

 

Bij elke bijtwond is het belangrijk om contact op te nemen met je huisarts. De huisarts kan bepalen of de wond gehecht of geplakt moet worden en of er medicijnen nodig zijn. Soms laat de huisarts de wond open, om de kans op infectie zo laag mogelijk te houden. Als de wond dieper is, kan de huisarts ervoor kiezen je voor de behandeling door te sturen naar de chirurg in het ziekenhuis.  

 

Heb je medicijnen nodig? 

  • Pijnstilling: Paracetamol is de eerste keuze voor pijnstilling. Houd de dosering aan die op de verpakking staat. Gebruik alleen paracetamol als het echt nodig is en zorg dat je dit niet te vaak en te lang achter elkaar doet. 

Als je andere pijnstillers wilt gebruiken (bijvoorbeeld NSAID’s zoals ibuprofen), overleg hierover dan altijd eerst met je huisarts. 

  • Tetanusinjectie: Bij sommige wonden heb je een tetanusinjectie nodig. Bijvoorbeeld als de wond met aarde (zand), straatvuil of mest in contact geweest is of als je gebeten bent door een dier. De meeste mensen zijn ingeënt tegen tetanus, maar als de laatste prik langer dan 10 jaar geleden is, heb je opnieuw een prik nodig.  

 

Het is belangrijk de wond elke dag te controleren om te zien of je geen infectie hebt. Daarbij kun je letten op hoeveel pijn het doet, of de wond rood, warm of dik wordt, of er pus uitkomt en of je je ziek voelt en koorts hebt. Soms is het daarbij nodig om antibiotica te slikken om te zorgen dat je geen infectie oploopt. Bijvoorbeeld bij een beet van een mens of een kat, bijtwonden aan hand, pols, been, voet of gezicht, of als je een verminderde weerstand hebt door een ziekte of door het gebruik van bepaalde medicijnen.  

 

Bel je huisarts als je naast een wond een van deze klachten of situaties hebt: 

  • De wond veel en lang blijft bloeden. 
  • De wond erg diep is. 
  • De wond veel pijnklachten geeft. 
  • De wond in contact kan zijn geweest met aarde (zand), straatvuil of mest. 
  • Je gebeten bent door een mens of dier. Bel bij een giftige beet meteen de huisarts! 

De wond rood of warm is, dikke randen heeft, er pus uit de wond komt, je je ziek voelt, je koorts hebt of als er een rode streep vanaf de wond naar boven loopt. 

  • Je weerstand slechter is door een ziekte (bijvoorbeeld kanker), een behandeling (bijvoorbeeld chemotherapie), bepaalde medicijnen of als je milt verwijderd is. 
  • Je een gewrichtsprothese/hartklepprothese hebt 
  • Je denkt dat je iets gebroken hebt. 
  • Je kans hebt op besmetting met HIV of hepatitis B. 
  • Je kans hebt op besmetting met hondsdolheid. 
  • De wond binnen 2 dagen niet beter wordt. 

 

Bel ook met je arts bij twijfel, vragen of zorgen over je klacht. Ook als de klachten erger worden of veranderen kun je het beste contact met je huisarts opnemen. 

 

Bronnen 

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Quin medisch specialisten, medisch onderzoekers en met gebruik van publieke bronnen.