Verwonding aan armen of benen

Verwonding aan armen of benen

Wanneer heb je een verwonding aan de armen en benen? 

De armen en benen (de ledematen) zijn delen van het lichaam waar makkelijk schade aan kan ontstaan. Een verwonding aan de armen en benen kan ontstaan bij verschillende soorten ongelukken. Bijvoorbeeld een verkeersongeluk, een bedrijfsongeluk, sportblessure of een val (van hoogte). Hierbij kan er schade optreden aan de huid, spieren, banden, botten, zenuwen en bloedvaten.  

 

Bel 112 als er een ongeluk is waarbij: 

  • Er een open botbreuk is (er steekt een botstuk uit een wond). 
  • Het slachtoffer buiten bewustzijn raakt, suf wordt of bleek is en zweet. 
  • Er een hevige bloeding is die niet stopt. 

 

Huid 

Je kunt verschillende soorten wonden krijgen aan de huid van armen en benen. Denk bijvoorbeeld aan snij-, scheur-, brand- en/of schaafwonden. Deze kunnen oppervlakkig zijn, maar ook dieper in de huid. Als de wonden dieper zijn kan er ook schade zijn aan een spier, zenuw of bloedvat. Je kunt bijvoorbeeld blauwe plekken krijgen (bloeduitstortingen) door schade aan de kleine bloedvaatjes onder de huid of er kunnen bloedingen optreden. Kleine en oppervlakkige wonden herstellen vaak vanzelf. Soms moet een wond gehecht of gelijmd worden.  

 

Spieren en pezen 

Bij een ongeluk kun je spieren en pezen kneuzen. Kneuzingen ontstaan vaak door kracht van buitenaf (bijvoorbeeld een val of harde bal) op onderarmen of onderbenen. Daar kan ook een huidwond bij voorkomen. Een verstuiking of verzwikking ontstaat bij een verkeerde beweging in een gewricht, dus bijvoorbeeld bij de pols of de enkel. Er kan zich vocht verzamelen rond het gewricht, wat pijn geeft en hierdoor kun je ook moeilijker bewegen. Bij een kneuzing of verstuiking is er vaak ook een blauwe plek te zien. 

Verstuikingen en kneuzingen kunnen geen kwaad en herstellen vaak na een paar dagen tot enkele weken. 

 

Banden 

Gewrichten zijn stabiel doordat botstukken aan elkaar vastzitten met gewrichtsbanden. De knie heeft bijvoorbeeld meerdere banden. Verkeerde bewegingen of kracht van buitenaf kunnen ervoor zorgen dat de banden van een gewricht beschadigen of scheuren. Dit kan heel pijnlijk zijn. Er kan een zwelling ontstaan en bewegen wordt moeilijker. Beschadigde banden herstellen vaak binnen weken tot maanden. 

 

Bot 

Bij een botbreuk (fractuur) heb je vaak veel pijn. Soms is er een blauwe plek, roodheid en/of zwelling van de huid te zien. Op het moment van het ongeluk kun je een krakend geluid horen. Botbreuken komen meestal voor aan de pols, de onderarm en de enkel. Bij een botbreuk is er schade aan het bot. Er kan sprake zijn van een scheurtje in het bot, een klein stukje bot kan afgebroken zijn, of het bot kan volledig doormidden gebroken zijn of zelfs verbrijzeld. Soms staan de botstukken nog goed op elkaar, maar ze kunnen ook verschoven zijn. De behandeling is afhankelijk van het soort breuk, welk bot er gebroken is, de stand van de botstukken en de schade aan de rest van de arm of het been. Soms is er een behandeling met gips of een spalk nodig en soms moet er geopereerd worden.  

 

Wat kun je zelf doen? 

  • Bij vermoeden van een breuk. 

Denk je dat je arm of been gebroken is, probeer deze dan zo stil mogelijk te houden. Vraag eventueel iemand om een draagdoek (mitella) aan te leggen.  

Is er een open breuk, dek de wond dan zo schoon mogelijk af en bel 112. 

 

  • Bij een open wond (zonder breuk). 

Oppervlakkige en kleine wonden kun je zelf spoelen met lauwwarm water. 

Geef druk op wonden als ze bloeden en probeer ze zo schoon mogelijk af te dekken. 

 

  • Bij verzwikking, kneuzing, verstuiking (zonder breuk of ontwrichting). 

Koel bij pijn in de ledematen 10 tot 20 minuten met een coldpack of koel water uit de kraan. Let bij een coldpack op dat er geen direct contact is met de huid: je huid kan dan bevriezen. Bij een flinke zwelling kun je het lichaamsdeel een paar dagen rust gunnen en het hoog houden. Zo kan de zwelling wegtrekken. Blijf intussen wel het gewricht voorzichtig bewegen, zodat het niet stijf wordt. Zodra de pijn en zwelling wat minder zijn, is het belangrijk weer meer te gaan bewegen. Zo houd je de spieren soepel.  

 

  • Oefeningen doen. 

Oefeningen en fysiotherapie kunnen helpen na beschadigde of gescheurde banden.  

 

Heb je medicijnen nodig?  

Bij pijn door een verwonding aan een arm of been, kun je paracetamol innemen. Houd de dosering aan die op de verpakking staat.  

Als je andere pijnstillers wilt gebruiken (bijvoorbeeld NSAID’s zoals ibuprofen), overleg hierover dan altijd eerst met je huisarts. 

 

Bel je huisarts als je naast een verwonding aan een arm of been deze klachten of aandoeningen hebt: 

  • Een open, grote of vuile wond en/of je tetanusprik is langer dan 10 jaar geleden.  
  • Een flinke zwelling.  
  • Een (vermoeden op een) botbreuk. 
  • Een (vermoeden op een) ontwrichting: schouder, vinger of teen uit de kom. 
  • Niet zelfstandig 4 passen kunnen zetten. 
  • Een instabiel gevoel aan een gewricht.  
  • Bepaalde bewegingen niet meer kunnen maken.  

 

Bel ook met je arts bij twijfel, vragen of zorgen over je klacht. Ook als de klachten erger worden of veranderen, kun je het beste contact met je huisarts opnemen. 

 

Bronnen 

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Quin medisch specialisten, medisch onderzoekers en met gebruik van publieke bronnen.