Vaginale afscheiding

Vaginale afscheiding

Wanneer heb je vaginale afscheiding? 

Vaginale afscheiding is heel normaal. Het lichaam maakt het zelf aan om de vagina vochtig en schoon te houden en te beschermen tegen infecties. De wand van de vagina en de baarmoeder zijn bekleed met slijmvlies. Hierin zitten klieren die vocht maken. Dit vocht kan soms naar buiten komen. Alle vrouwen hebben weleens vaginale afscheiding. Meestal is vaginale afscheiding wit (vandaar de naam ‘witte vloed’) of doorzichtig en vloeibaar. Als het opgedroogd is, kan het eruitzien als een gelige vlek. Het kan een beetje zuur ruiken of geurloos zijn. De ene vrouw heeft meer afscheiding dan de andere. De hoeveelheid, geur en kleur van afscheiding kunnen ook veranderen. Dat komt doordat afscheiding kan samengaan met:  

 

  • Hormoonschommelingen. Zoals rond de menstruatie, de eisprong en de overgang.  
  • Zwangerschap. Tijdens de zwangerschap zijn er ook hormoonschommelingen. En de vaginawand is beter doorbloed. Hierdoor kan de afscheiding toenemen.  
  • Leeftijd. Rondom de overgang neemt de afscheiding af en wordt de vagina droger.  
  • Seksuele opwinding. De vagina wordt dan beter doorbloed en daardoor vochtiger.  
  • Medicijnen. Sommige medicijnen, zoals antibiotica, kunnen leiden tot toegenomen afscheiding. Ook gebruik van oestrogenen en de pil kan de afscheiding veranderen. Slik je medicijnen die het immuunsysteem onderdrukken (zoals prednison), dan kun je makkelijker infecties bij de vagina krijgen.  
  • Gebruik van een pessarium. Dit kan het vaginaslijmvlies irriteren, waardoor meer vocht wordt aangemaakt.  

 

Sommige vrouwen maken zich zorgen als ze te veel afscheiding hebben. Dit kan over het algemeen geen kwaad. Maar het kan wel vervelend zijn. Soms heb je er ook jeuk of irritatie van. Andere klachten die kunnen voorkomen zijn een afwijkende kleur (geel, groen of juist bloederig), een vieze geur of witte brokkelige afscheiding. Dan kan er een verstoring zijn van het evenwicht van de zuurgraad of de bacteriën in de vagina, een (schimmel)infectie of een seksueel overdraagbare aandoening.  

 

Schimmelinfectie (candidiasis) 

In de vagina komen schimmels en bacteriën voor. Soms raakt dit evenwicht verstoord en kan de schimmel te veel gaan groeien. De afscheiding is dan vaak dik, wit en brokkelig. Ook kun je jeuk in en rondom de vagina hebben. De aandoening is onschuldig en kan vanzelf over gaan. Het is niet seksueel overdraagbaar. Bij sommige ziekten zoals suikerziekte of een infectie met hiv kun je makkelijker schimmelinfecties van de vagina krijgen.  

 

Bacteriële vaginose 

Ook bij een bacteriële vaginose is het evenwicht van natuurlijke bacteriën en de zuurgraad in de vagina verstoord. De afscheiding ruikt dan sterk en is vaak meer grijswit van kleur. Sommige vrouwen herkennen een visgeur in de afscheiding. Het kan vanzelf genezen. Soms komt het vaker terug. Het is niet seksueel overdraagbaar.  

 

Trichomonas vaginalis 

Bij trichomonas vaginalis kun je geelgroene afscheiding met belletjes hebben. De afscheiding kan vies ruiken. Vaak heb je ook jeuk of irritatie. Een deel van de vrouwen heeft geen klachten. Trichomonas is seksueel overdraagbaar.  

 

Chlamydia 

Bij Chlamydia kun je meer afscheiding hebben dan normaal. Ook kun je pijn bij het plassen en pijn in de onderbuik hebben. Daarnaast kun je bloedverlies hebben na het vrijen. Of wat bloed verliezen tussen de menstruaties in. Bij een groot deel van de vrouwen geeft Chlamydia helemaal geen klachten. Chlamydia is een seksueel overdraagbare aandoening. 

 

Gonorroe 

Bij gonorroe kun je geelgroene, vies ruikende afscheiding hebben. Ook kun je pijn bij het plassen hebben. Een deel van de vrouwen heeft geen klachten. Gonorroe is een seksueel overdraagbare aandoening.  

 

Wat kun je zelf doen?  

Aan normale vaginale afscheiding hoef je niks te doen. Bij veranderde afscheiding (bijvoorbeeld meer afscheiding, of een andere kleur of geur) gelden deze adviezen. 

  • Natuurlijke balans vagina bewaren. 

Houd je vagina schoon door lauwwarm water te gebruiken en alleen uitwendig te wassen. Was ook niet te vaak: dit kan juist zorgen voor extra irritatie en de klachten verergeren. Gebruik geen vaginale zeep of spoelingen. Het is niet bewezen dat dit werkt. 

  • Irritatie vermijden. 

Probeer bij jeuk niet te krabben. Hiermee kun je de gevoelige huid van je vagina beschadigen. Vermijd ook situaties die je vagina kunnen irriteren, zoals vrijen zonder dat je  

opgewonden bent. Ook vrijen terwijl je nog klachten hebt van een vaginale infectie, kan de vagina irriteren. 

  • Alert zijn op SOA’s 

Gebruik bij wisselende seksuele contacten condooms om seksueel overdraagbare aandoeningen te voorkomen. Gebruik bij een nieuwe vaste partner condooms totdat jullie beiden zijn getest op SOA’s. 

 

Heb je medicijnen nodig?  

Bij normale vaginale afscheiding heb je geen medicijnen nodig. Als je afscheiding een afwijkende kleur heeft (geelgroen, grijs, roodbruin), vies ruikt of wit en brokkelig is, kun je een vaginale infectie hebben. Soms gaan de klachten vanzelf over. Als dit niet zo is, dan heb je medicijnen nodig. Voor seksueel overdraagbare aandoeningen heb je altijd medicijnen nodig.   

 

  • Schimmelinfectie (candidiasis): alleen bij erg hinderlijke, langdurige of vaak terugkerende klachten kan er bijvoorbeeld een capsule met miconazol gegeven worden. Dit is een antischimmelmiddel. De capsule breng je in de vagina in. Je kunt dit middel ook in crème-vorm gebruiken.  
  • Bacteriële vaginose: alleen bij erg hinderlijke of langdurige klachten kan er met metronidazol behandeld worden. Dit wordt ook vaginaal ingebracht.  
  • Trichomonas vaginalis: deze aandoening moet behandeld worden vanwege het risico op overdragen en complicaties. Trichomonas wordt behandeld met een eenmalige pil metronidazol.  
  • Chlamydia: deze aandoening moet behandeld worden vanwege het risico op overdragen en complicaties. Chlamydia wordt behandeld met een eenmalige dosering azitromycine. 
  • Gonorroe: deze aandoening moet behandeld worden vanwege het risico op overdragen en complicaties. Je krijgt dan antibiotica (ceftriaxon).  

 

Bel je huisarts als je afscheiding is veranderd en/of er sprake is van: 

  • Jeuk, pijn of irritatie rond de vagina, ook bij plassen of tijdens vrijen. 
  • Bloedverlies na seksuele gemeenschap. 
  • Bloedverlies of roodbruine afscheiding tussen twee menstruaties door. 
  • Geelgroene afscheiding. 
  • Sterk ruikende afscheiding. 
  • Pijn in de onderbuik. 
  • Na 4 weken nog steeds toegenomen afscheiding. 
  • Afscheiding na de overgang. 
  • Vermoeden van of risico op een soa. 

 

Bel ook met je arts bij twijfel, vragen of zorgen over je klacht. Ook als de klachten erger worden of veranderen, kun je het beste contact met je huisarts opnemen. 

 

Bronnen 

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Quin medisch specialisten, medisch onderzoekers en met gebruik van publieke bronnen.