Gewrichtsklachten

Gewrichtsklachten

Wanneer heb je gewrichtsklachten? 

Gewrichtsklachten komen veel voor. Vaak gaat het om pijn, roodheid, zwelling en/of stijfheid van het gewricht, of het niet goed kunnen maken van bepaalde bewegingen.  

 

Gewrichten zijn verbindingen tussen onze botten. Het is de plek waar botten ten opzichte van elkaar kunnen bewegen. Grote gewrichten zijn bijvoorbeeld de knieën, de heupen en de schouders. Voorbeelden van kleine gewrichten zijn de gewrichtjes tussen je vingerkootjes. Een gewricht wordt omgeven door een stevig kapsel en banden. Er zit een laagje kraakbeen om de uiteinden van de twee botten die het gewricht vormen en in het gewricht zit vloeistof. Daardoor worden de meeste schokken opgevangen.  

Gewrichtsklachten kunnen ontstaan door schade of irritatie aan het bot, het kraakbeen, de banden of het kapsel. Maar ze kunnen ook komen door een ongeluk, bijvoorbeeld als je valt of een verkeerde beweging maakt. Ook overbelasting, slijtage van het gewricht en ontstekingen kunnen een oorzaak zijn. De meest voorkomende oorzaken van gewrichtsklachten staan hieronder. 

 

Verstuiking of kneuzing 

Verstuikingen en kneuzingen zijn blessures die optreden bij een verkeerde of plotselinge beweging of een stoot. Bij een kneuzing raakt het weefsel rondom het gewricht, zoals huid, spieren en pezen, beschadigd. Bij een verstuiking of verzwikking worden de gewrichtsbanden door een plotse beweging opgerekt. Een verstuiking en een kneuzing herstellen vanzelf, meestal binnen twee weken. 

 

Overbelasting 

Het steeds opnieuw herhalen van een beweging kan leiden tot overbelasting van een gewricht. Een voorbeeld hiervan is een ‘tenniselleboog’. Ook te zwaar of in een verkeerde houding belasten van een gewricht kan leiden tot overbelasting. Als je overgewicht hebt, heb je meer kans op overbelasting van een gewricht. De meeste klachten van overbelasting gaan vanzelf over.  

 

Artrose 

Bij artrose gaat het beschermende kraakbeen aan het uiteinde van botten minder goed werken. Het kraakbeen wordt dun. Daardoor kan het minder goed schokken opvangen. Een kenmerk van artrose is dat je pijn voelt bij het starten van een beweging na rust. Andere klachten zijn stijfheid en vervormingen van de gewrichten (vooral in de handen). Artrose komt veel voor in de heupen en de knieën. De kans op artrose neemt toe als je ouder wordt. Maar het kan ook komen door overbelasting door veel lichamelijk werk, zwaar sporten of door overgewicht. Artrose kan niet genezen. Als de artrose heel erg is, kan een kunstgewricht nodig zijn.  

 

Ontsteking (artritis) 

Een ontsteking in een gewricht wordt artritis genoemd. Klachten zijn pijnlijke, gezwollen gewrichten die je minder goed kunt bewegen. Het gewricht kan ook warm en rood zijn. Reumatoïde artritis (een vorm van reuma) en jicht zijn bekende voorbeelden van artritis. Vaak moet artritis worden behandeld. Neem daarvoor contact op met je huisarts.  

Een gewricht kan ook geïnfecteerd raken met een bacterie. Dan heb je vaak ook koorts, koude rillingen en voel je je ziek. Het is dan belangrijk om direct contact op te nemen met je huisarts of de huisartsenpost.  

 

Wat kun je zelf doen? 

  • In beweging blijven.  

Blijven bewegen is belangrijk als je gewrichtsklachten hebt. Hierdoor blijven spieren in en rondom het gewricht sterk en soepel. Ook versterk je hiermee de pezen en banden van het gewricht. Dit is belangrijk om gewrichtsklachten zoveel mogelijk te beperken. Het advies is om minstens 30 minuten per dag matig intensief (bijvoorbeeld wandelen of fietsen) te bewegen. Je kunt hiervoor ook hulp vragen aan een fysiotherapeut.  

  • Overbelasting vermijden. 

Vermijd plotselinge, krachtige bewegingen waardoor het gewricht te veel belast wordt. Vermijd ook het te lang en te zwaar belasten van een gewricht. Als je meer pijn gaat voelen, kan dat een teken zijn dat je het even rustiger aan moet doen.  

  • Het gewricht koelen. 

Bij milde gewrichtsklachten en warmte van het gewricht kun je het gewricht koelen. Let erop dat je huid niet bevriest als je een coldpack gebruikt.  

  • Voor een gezond gewicht zorgen. 

Overgewicht kan voor extra belasting van de gewrichten zorgen. Probeer daarom een gezond gewicht te krijgen en te houden. Je huisarts of een diëtist kan jou daarbij helpen.  

 

Heb je medicijnen nodig? 

Paracetamol is de eerste keuze voor pijnstilling. Houd de dosering aan die op de verpakking staat. Gebruik alleen paracetamol als het echt nodig is en zorg dat je dit niet te vaak en te lang achter elkaar doet. 

Als je andere pijnstillers wilt gebruiken (bijvoorbeeld NSAID’s zoals ibuprofen), overleg hierover dan altijd eerst met je huisarts. 

 

Bel je huisarts als je gewrichtsklachten hebt en een van deze klachten of situaties: 

  • Pijn, zwelling, stijfheid, roodheid en/of warmte van het gewricht. 
  • Gewrichtsklachten die langer dan 7 dagen aanhouden. 
  • Vervorming van een gewricht. 
  • Plotselinge zwelling van een gewricht.  

 

Bel direct je huisarts of de huisartsenpost als: 

  • Je ernstige pijn hebt. 
  • Je bepaalde bewegingen niet meer kunt maken (zonder duidelijke oorzaak of na een ongeval). 
  • Je gewrichtsklachten hebt met koorts, koude rillingen of een gevoel van ziek zijn. 

 

Bel ook met je arts bij twijfel, vragen of zorgen over je klacht. Ook als de klachten erger worden of veranderen, kun je het beste contact met je huisarts opnemen. 

 

Bronnen 

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Quin medisch specialisten, medisch onderzoekers en met gebruik van publieke bronnen.